Archief beheerder

TvL: de Reli-cyclus

Geplaatst op: 19/09/2010 door brombeerbram in Tijd Voor Lelijkheid

Ik mag op zich graag klagen, maar religie afkraken vind ik een vervelende – in de zin dat ik er verveeld door raak – obligate vriendschappelijke wedstrijd in het WK Open Deuren Intrappen. Niet dat religie per definitie slecht is, want dat is niet zo, maar omdat de meeste atheïsten en ietsisten in dergelijke discussies net zo flexibel zijn als de meest doorgewinterde fundamentalisten. Niet gek en makkelijk te vergeven; als je in je leven tot nu toe slechts één (half afgemaakte) filosofische overpeinzing hebt gehad moet je deze ook koesteren. Zo is het met religie immers ook vergaan.

Religie is natuurlijk vooral een archaïsch en draconisch beschavingsoffensief wat ons er van weerhield om dingen te eten waaraan wij dood gingen en erna onze zusters te bevruchten waardoor de soort ten onder zou gaan. Dat dit inmiddels is doorgeschoten is helder. Maar wat heeft dat te maken met deze cyclus?

Omdat de meeste mensen het wat ouderwets aandoende karakter van religie koppelen aan de mogelijke ethische overbodigheid ervan, en er daarmee ook meteen vanaf heeft gezien, heeft de georganiseerde Godsdienst de laatste decennia verwoedde pogingen gedaan een van die twee punten van kritiek te verhelpen. Helaas is dat de eerste.

In mijn beleving zijn het vooral Christenen, ik vermoed van het Evangelische soort, die allerlei creatieve creaturen loslaten op de wereld in de hoop de Boodschap van [vul maar in]  te brengen middels de populaire cultuur (lees: popmuziek). En dit is droevig.

Christelijke, nee godsdienstige-, popmuziek verraad wat mij betreft altijd het karakter van diens aanhangers. Muziek gaat doorgaans over de uiteindes van het scala van ervaringen die het leven rijk is: van de meest euforische sekspartijen tot aan ons meest duistere doodsverlangens (niet persé onze eigen dood). Godsdienstige muziek (let ook op het woord ‘dienstig’ in deze) klinkt daarentegen, zoals een film over de geneugten van varkensrollade eruit moet zien als deze geregisseerd zou zijn door een vrouw van vierenvijftig die al zevenendertig jaar vegetariër is. Het plezier is de kunstenaar wel ergens bekend, maar de laatste concrete persoonlijk ervaring met het onderwerp stamt nog uit de kindertijd.
Het is doorgaans seksloze, overgematigde (extra-medium, kan dat? – ja dus), in niets provocerende, naar de mond pratende, zichzelf vergevende treurnis.
Ik houd er niet zo van.

Het lijkt alsof er voor het produceren van dit soort muziek voorgeschreven is dat iedere mentale activiteit op automatische piloot gezet moet worden, net als tijdens het luisteren, zodat alles dezelfde dynamiek heeft van een nachtelijke ruft. Ten overvloede: die komt ongeveer hetzelfde tot stand.

Gelukkig maken de geselecteerde musici dit ontbreken van inspiratie goed door hun eigen ontbreken van talent, waardoor de muziek an sich op z’n minst interessant of zelfs volkomen  verbazingwekkend wordt.
Ik wens u succes.

Sonseed – Jesus is my friend

Christian Side Hug